Image 1

Door het verlies van iemand of iets dat ons dierbaar is, komen we in het land van rouw terecht. Een land dat voor velen als erg ongekend aanvoelt en mogelijks ook als verwarrend. Want is het normaal dat ik nog steeds blijf verwachten dat mijn overleden moeder mij zal bellen om 17 uur? Is het normaal dat ik zo moe ben? En hoe kan het dat na al die jaren die geur van pannenkoeken me meteen weer een steek in mijn hart geeft? Is het normaal dat ik nog altijd niet kan passeren langs een tennisveld zonder een brok in mijn keel nu ik al jaren weet dat ik door mijn ziekte nooit meer zal kunnen tennissen? Is het normaal dat...

Wegwijzers helpen richting geven als je ergens nieuw bent. Luisterende oren, lotgenotencontact, warme herinneringen kunnen zo’n wegwijzers zijn. Maar ook analogieën. ‘De bal en de doos’ analogie is er eentje die sommige rouwenden helpend vinden. De analogie werd wijd op Twitter en andere social media gedeeld naar aanleiding van een post van Lauren Herschel. Zij beschrijft hoe ‘de bal en de doos’ haar hielpen om te begrijpen hoe rouw verandert over tijd en hoe het alsnog willekeurig kan opborrelen. Haar arts gebruikte deze wanneer Herschel vertelde hoe ze door het zien van een dame in een supermarkt, die haar herinnerde aan haar grootmoeder die ondanks haar dementie begreep dat haar dochter overleden was, teruggeworpen werd in de pijn over het verdriet van haar moeder: plots, onverwachts, ineens.

Laat ons de analogie eens bekijken.

De doos staat voor je leven, de bal voor je rouw, en de knop voor een pijnknop.

1
Wanneer verlies je treft, voelt de eerste tijd vaak heel rauw aan. Je rouw kan zwaar voelen en groot. Rouwgevoelens, -gedachten en -gewaarwordingen lijken je leven te overheersen. Ze leggen een schaduw op je dagelijkse zijn. In die eerste tijd is rouw (of de bal dus) erg groot, en neemt die bijna de hele doos (of je hele leven) in beslag. Daardoor is de rouwpijn vaak ook heel aanwezig, bijna continu, omdat de bal (je rouw) enorm is, en die bij elke kleine stap, bij elke kleine beweging de pijnknop raakt en dus indrukt. Die rouwpijn kan je niet controleren, juist omdat de bewegingsruimte zo klein is. Alles doet pijn: een foto, een anekdote, een geur... Op dit punt in je rouw lijkt het dan ook alsof er geen ruimte overblijft voor iets anders in je leven, en er geen vooruitgang is.

2
Gelukkig verliest die rouwbal bij de meesten over tijd lucht en wordt die stilaan kleiner. De bal, of jouw rouw, wordt zo klein dat die niet steeds meer in de weg zit van andere levensterreinen, activiteiten en dromen. De rouwmist trekt een beetje op, en je kan weer verder kijken dan alleen maar die allesoverheersende pijn. Je kan weer makkelijker functioneren, je kan weer naar de bakker, je kan weer stilletjesaan naar het werk, je kan weer even naar die voetbalmatch van de kleinzoon... Tegelijk is de bal niet weg, je rouw is er nog. En van tijd tot tijd raakt de bal de wanden van de doos. Soms raakt die venijnig en onverwachts weer die pijnknop. En ook nu de bal kleiner is, blijft de pijnknop dezelfde pijn geven. Ook al is het nu minder vaak. Stilaan geraak je terug in hernieuwde oude gewoontes, lukt het je om het leven weer aan te vatten, in plaats van alleen te overleven, maar het verlies blijft aanwezig, en de pijnknop confronteert je verwachts en onverwachts weer met die realiteit.

3
En stilaan, niet door tijd, maar door hard rouwwerk, gebeurt wat je bij aanvang niet had durven dromen. De bal laat nog steeds lucht los, en wordt nog kleiner. Verdwijnen doet die nooit helemaal, maar de plaats die de bal aanvankelijk innam in de doos geraakt stilaan gevuld met warme herinneringen en anekdotes. Die liefde wordt als het ware een kussen of zachte dons in die doos die ervoor zorgt dat die kleine bal als die beweegt niet meer zo vaak de pijnknop vindt. De rouw eindigt niet, maar is nu omhuld door krachtige warme dons. En ja, soms is er toch nog een ‘hit’ van de pijnknop, en is het verlies er weer in zijn heftigheid. Tegelijk kan je stilaan verder met het afscheid en verlies tussen jou en het leven in, zonder dat het je leven overheerst.

De bal en de box dus, een analogie die toont dat gemis nooit overgaat, je altijd onverwachts kan treffen, maar ook dat de pijn kleiner wordt, wanneer de dons van herinneringen en anekdotes toeneemt. Misschien helpt deze analogie je als wegwijzer. Voor de stiefvader van Herschel wel alleszins. Hij begreep er zijn rouwgevoelens beter door en kon er zo zelfs over beginnen praten. Op sommige dagen zie hij: “De bal is heel groot vandaag. Het ging maar niet van de knop af. Ik hoop dat die snel kleiner wordt”.