Image 1

Kwaadheid, colère, agressie ... het zijn de paria’s onder de emoties. Maar niet voor VZW Touché. Daar omarmen kwaadheid als een energie die je kunt kanaliseren in iets creatiefs, sportiefs of als levenskracht.

Aan het woord is Mirjam Gryson, klinisch en forensisch psychologe, oplossingsgerichte therapeut, coach en mede-oprichter van Touché.

Mirjam Gryson: “Verlies en gemis kunnen mensen ook erg boos en opstandig maken. Tijdens een rouwproces is daar soms nog enig begrip voor, maar het moet vooral toch niet te lang duren, anders werken mensen zichzelf toch in een sociaal isolement. Meestal wordt verwacht dat je je kwaadheid in alle omstandigheden beteugelt, bemeestert, wegduwt, eerst kalmeert voor je er iets over zegt, ... Kwaadheid lijkt voor de meeste mensen iets te zijn dat eerder aanvoelt als een vijand dan een bondgenoot. Iets dat ze liever op afstand houden dan op schoot te nemen.”

Maar jullie delen die negatieve kijk op woede niet?

Miriam Gryson: “Neen, boosheid is even eigen aan de mens als blijdschap, angst of verdriet, vinden wij. Boosheid uiten of er iets mee doen, zou even natuurlijk moeten zijn als communiceren of ademen. Kwaadheid is één van de meest vitale vitaliserende emoties die er zijn en het is vanzelf aanwezig in ontzettend veel interacties tussen mensen...”

En kwaadheid is een kracht?

Miriam Gryson: “Ja, dat is het zeker. Kwaadheid is als kinetische energie die je kan gebruiken om warmte op te wekken. Het potentieel van kwaadheid blijft nog te veel onbenut. Als we onze kwaadheid aanvaarden en accepteren als een signaal dat er iets belangrijk aan het gebeuren is of op het spel staat én die golf van energie ook gebruiken als een drijvende kracht, dan kan woede een drijvende kracht worden in plaats van een beschadigende. Dan kan kwaadheid leiden tot enthousiasme, energie, levensdrift, creativiteit, doorzettingsvermogen, gedrevenheid, ... Kijk naar een artiest als Zwangere Guy. Die creëert muziek, teksten, poëzie, is een fantastische performer en een geweldige acteur... Maar heel veel van wat hij doet, is oorspronkelijk gedreven door woede...”

“We zijn te bang van woede. En daarom wordt er vaak niet goed op gereageerd. Met andere emoties lijken we die balans wel te vinden. Wie angstig is, wordt beluisterd en gerustgesteld, wie triest is, wordt getroost, wie blij is, wordt aangemoedigd. En als er al eens iemand last heeft van een teveel aan één van deze emoties, of niet goed weet hoe ermee om te gaan of ze gepast te uiten, dan schieten we elkaar te hulp. We organiseren er zelfs heuse collectieve rituelen rond: feesten om blijdschap te vieren, rouwrituelen om samen troost te vinden in verdriet, ... We hebben dus blijkbaar een hiërarchie in hoe we ons verhouden tot onze emoties, waarbij kwaadheid helemaal onderaan wordt verguisd.”

Waarom maken we dat onderscheid, hoe is die angst voor kwaadheid historisch gegroeid?

Miriam Gryson:
“Mogelijks omdat we kwaadheid bijna meteen linken aan gevaar en de meest dramatische uitingen ervan. Er is maar 1 letter verschil tussen ‘anger’ en ‘danger’. Maar ‘anger’ is an energy … We zijn niet alleen bang van de kwaadheid van een ander, maar ook van die van onszelf, omdat we uitgaan van de mogelijke risico’s bij controleverlies. Maar kwaadheid met erge gevolgen doet zich maar in een heel klein percentage van de situaties waarin kwaadheid een rol speelt voor. In veruit de meeste gevallen waarin iemand boosheid voelt gebeurt er helemaal niets, en in evenveel gevallen als de situaties die uitdraaien op schadelijk geweld komt er zelfs iets positiefs uit voort. Iemands boodschap die eindelijk gehoord wordt bijvoorbeeld. Of iemand die zodanig schrikt van zijn eigen emotie dat hij doorheeft dat er wel iets echt belangrijks op het spel moet staan. In sport wordt kwaadheid iets beter aanvaard. Want boos zijn op de tegenstander geeft je de ‘grinta’ een intense sportieve strijd aan te gaan.... Voor de rest is ‘beter voorkomen dan genezen’ zowat de leidraad geworden - en dus mag kwaadheid vooral niet getoond worden...”

En net dat onderdrukken zorgt voor frustratie bij veel mensen ...

Mirjam Gryson: “Inderdaad. De vraag is hoe gezond dat onderdrukken is. Wat is de kost daarvan? Die is groot, zo blijkt. Een grote, zo blijkt. Meerdere onderzoeken wijzen uit dat kwaadheid opkroppen kwalijke en zelfs fatale gevolgen kan hebben : mensen die hun woede inhouden sterven jonger. Mogelijke verklaringen zijn dat er door woede systematisch te onderdrukken nooit oplossingen komen voor problemen wat uiteindelijk tot gezondheidsproblemen, verslavingsproblematiek of, gewelddadige uitbarstingen kan leiden.”

Wat zou het geven als we vanaf morgen met zijn allen massaal wel onze kwaadheid zouden omarmen... Worden we dan een gevaarlijker of een begripvollere maatschappij, volgens jou?

Mirjam Gryson: “Eén van de verschillen die het volgens ons alvast zou maken, is dat we met z’n allen empathischer zouden worden. We zouden een kwade medemens niet meteen zien als iemand om ons tegen te wapenen, beveiligen en verdedigen, maar als iemand met een nood. Als onze partner zijn stem verheft in een discussie, zou ons dat erop wijzen dat er iets belangrijks is om naar te luisteren in plaats van dat als een reden te zien om ook de lucht in te gaan. Een stampvoetend kind zouden we helpen om woorden te vinden om zicht te uiten, in plaats van het te straffen en in de hoek te zetten.

Een eerste stap zou dus het herdefiniëren van kwaadheid kunnen zijn, opdat de automatische link met gevaar bijgekleurd zou kunnen worden met liefde, verbinding, gezondheid.

Meer weten over het kanaliseren vanwoede en hoe dat levens positief kan beinvloeden?

VZW Touché publiceerde twee boeken: Positief agressief. Hoe woede benutten? en Soldiers of Love. Ideeën voor een nieuw activisme. Iedereen is ook welkom om vrijblijvend deel te nemen aan een gespreksgroep of een bokstraining bij Touché.