
Dit najaar is actrice Joke Devynck een van de curatoren van de ONTroerd Korfilmavonden. Het wordt ook de eerste editie die Dominiek Van Oost zal bijwonen als nieuwe managing director van Sereni. We schoven aan tafel voor een warm gesprek.
Dominiek: Ik heb gewerkt als advocaat en bedrijfsjurist en vervolgens als manager in de vastgoedsector. Maar eigenlijk ging mijn interesse altijd uit naar het mensgerichte aspect van organisaties. Professioneel had ik geen ervaring met de dood als thema, maar persoonlijk wel. Mijn moeder stierf toen ik twintig was, en dat heeft een enorme impact op mij gehad. Ik bleef het meedragen, een kostbaar maar weggestopt stuk verdriet dat het niet kon verdragen om aangeraakt te worden. Ik liep ervan weg. Daar is het voorbije jaar verandering in gekomen.
Joke: Heb je dat gedaan met hulp van anderen of ben je zelf vertraagd?
Dominiek: Na mijn laatste job besloot ik een tijdje niet te werken, maar met drie kinderen waarvan eentje nog heel jong kom je niet aan verstilling toe. Toen ik de kans kreeg om een business coaching te volgen op een prachtige plek in Italië heb ik die gegrepen. Tijdens dat een-op-een traject kwam plots ook het verlies van mijn moeder weer naar boven. Dat was zeer intens, maar ook zeer mooi. Nu is er echt een soort rust gekomen.
Op dat moment wist ik niet van het bestaan van Sereni af. Ik wilde graag voor een bedrijf werken dat in zijn DNA vanzelf al mensgericht was. Een paar maanden later schoof een headhunter die buiten de lijntjes durfde kleuren het naar voren, en ik voelde dat alle stukjes van de puzzel in elkaar vielen.
Joke: Rouwverwerking is een proces waarvoor je echt de tijd moet nemen.
Dominiek: Je spreekt als iemand die er ervaring mee heeft.
Joke: Ik ben de afgelopen twee jaar mijn beide ouders verloren, telkens onverwacht, en ik ben dat absoluut nog aan het verwerken. Vooral het stervensproces van mijn mama heeft er in gehakt. Zij heeft na een heel zware hersenbloeding nog een maand geleefd. Haar casus was uitzonderlijk en zorgde voor enorm veel twijfels, zowel bij ons als bij het medisch personeel. En toch moet je beslissingen nemen… Hoewel mama daar goed omringd was, is een ziekenhuisomgeving niet de ideale omgeving voor zo’n overgangsproces. Noch voor de stervende, noch voor de familie.
In vergelijking daarmee was het stervensproces van mijn vader, hoe onverwacht ook, bijna een opluchting. Hij heeft zich op vakantie op een terras verslikt en heeft door de ademnood een hartstilstand gekregen. De mensen ter plekke hebben hem twintig minuten gereanimeerd. Toen ik er aankwam, heeft hij nog een achttal dagen geleefd. Alle verplichte tests werden gedaan maar ik zag meteen dat het eigenlijk gedaan was. Er was geen beweging meer. Het was gewoon duidelijk, en dat hielp.
Dominiek: Maar je hebt wel beide keren moeten beslissen om hen los te koppelen.
Joke: Ja.
Dominiek: Wauw.
Joke: Het was echt heel heftig. Ja, dat was…
Dominiek: Bij Sereni komen we gewoonlijk pas in beeld na het overlijden. Maar soms komen mensen naar ons toe omdat ze er echt over nadenken om dingen al op voorhand te regelen. Ze willen niet dat hun kinderen of partner zich daar zorgen over moeten maken. We willen dat graag nog meer mogelijk maken, en de drempel verlagen om het erover te hebben.
Joke: Dat is waardevol. Want wanneer het gebeurt, valt de hemel zo’n beetje op je kop. Er is plots zoveel te doen. De notaris, geblokkeerde rekeningen… en vijf dagen later is de uitvaart al. Ik vond dat te gek voor woorden. Er is echt nood aan tijd, en aan het ontlasten van mensen op zo'n zwaar, emotioneel moment. Bij mijn vader was dat anders, we konden gerichtere beslissingen nemen. We hadden anderhalf jaar daarvoor al een keer over alles moeten nadenken.
Dominiek: Dat is wat ik ervaar als de missie van Sereni: zorgen voor mensen en hun geliefden tijdens de reis van het levenseinde. We zijn een onderneming, dus natuurlijk zijn er ook commerciële doelstellingen. Tegelijk ben je bezig met een van de meest kwetsbare momenten in het leven. Dat moet op de juiste manier gebeuren en echt met het doel om voor die mensen te zorgen, zowel voor de nabestaanden als voor de overledene zelf. Omdat dit voor mij zo’n dierbaar onderwerp is, was het belangrijk om zeker te weten dat dit leefde op elk niveau, dus ook bij de oprichters en initiatiefnemers van Sereni.
De hele sector was nieuw voor mij. Daarom besloot ik om stage te lopen in de praktijk. Ik heb een zwart kostuum gekocht en ben gaan meedraaien in enkele van onze uitvaartcentra. Ik wilde zicht krijgen op alles wat een uitvaartplanner bij ons doet. Dat ging van contact met de familie en het voorbereiden van de rouwdienst tot het bijwonen van de verzorging van de overledenen, het inkisten en het bezoek aan het crematorium. Ik liep overal mee als stagiair, ging praten met de koffietafelteams, leerde alles en iedereen kennen. Op zeker moment vergeten mensen wie je bent en groeit er echte openheid. Ik was er getuige van hoe het respect van onze uitvaartondernemers ook doorgaat achter de schermen. Zorg houdt niet op omdat een lichaam dood is, of als er niemand meer meekijkt.
Joke: In craniosacraal therapie ga je naar de stilte. De stilte van de dood is nog veel dieper, met niets te vergelijken. Ik ervaarde dat als heel troostend. Maar je moet wel de tijd en de ruimte hebben om die te kunnen voelen.
Dominiek: Zelf ben ik er dertig jaar geleden van weggelopen. Nu vind ik dat jammer. Mijn mama lag opgebaard maar ze had een heel zware doodsstrijd gehad en dat zag je. Ik ben die ziekenhuiskamer uit gelopen en wilde nadien ook niet meer naar het funerarium. Je hoort mensen vaak zeggen dat ze zich iemand liever levend herinneren, maar soms is dat bewust of onbewust een excuus. De dood wordt uit het zicht gehouden en we zijn bang om een dode persoon te zien.
Joke: Wij hebben mijn vader opgebaard in zijn ouderlijk huis, want in de serviceflat waar hij woonde, wilden ze het niet toestaan. Volgens mij een gemiste kans, ook voor de bewoners, want hij was daar heel gelukkig. En wat is er om bang voor te zijn?
Dominiek: Helaas heeft ook de coronaperiode daar een rol in gespeeld. Mensen konden of mochten toen nauwelijks afscheid nemen, en dat was heel zwaar. Maar we merken dat er sindsdien vaker voor zo’n heel intiem afscheid wordt gekozen. Dat heeft iets moois, maar je ontneemt tegelijk wel een hele gemeenschap de kans om samen afscheid te nemen.
Joke: Als kunstenaar zie ik daar wel een rol weggelegd in het verenigen van mensen. Na corona ontwikkelde ik een gezamenlijke performance: ‘In Wording’. Het had iets van een ritueel en groeide rond het idee om mensen in te wikkelen. Sommige dieren of organismen moeten bij aankomst in een land soms een tijdje in quarantaine om na te gaan of ze al dan niet schadelijk zijn. Toen dacht ik: het is tijd voor de mensheid om even in quarantaine te gaan, te liggen, te rusten en te bedenken: zijn wij schadelijk of niet? Voor mij is het antwoord duidelijk (lacht). Het was zo'n mooi beeld, die coconnetjes langs de vloedlijn. Er was de wind, het zand, het water… Twintig minuten zo blijven liggen doet wel iets met je. Zo’n ruimte is een transitzone, net als die van geboorte en dood. We kunnen die bewust gaan opzoeken en ons lichaam begrijpt wat er gebeurt.
Dominiek: Daarom is ook de ruimte die ontstaat tijdens een rouwdienst zo belangrijk. Hoe de dienst georganiseerd is, maar ook welk materiaal er wordt gebruikt en hoe hij wordt geleid. Vroeger was dat altijd door een priester, nu zijn het vaak onze eigen uitvaartplanners of gespecialiseerde moderatoren.
Joke: Ik ken een groep acteurs die dat doen. De dood, afscheid, verlies, even goed als andere overgangsrituelen zijn real life ingrijpende gebeurtenissen. Het is belangrijk dat die met de nodige gevoeligheid én drama (glimlacht) begeleid worden. Kunst en welzijn komen steeds meer op die manier samen.
Dominiek: Het is nodig dat we dingen uit het onzichtbare halen, te beginnen met de dood en de bredere ervaring van afscheid en verlies die eigenlijk de hele tijd parallel lopen met het leven. Elke vorm van rouw knoopt ook aan bij eerdere ervaringen. Als we daar bewuster mee om kunnen gaan, maken we sommige keuzes in het leven misschien ook bewuster.
Joke: En zo hoeven we sommige dingen ook niet door te geven aan onze kinderen. Een vorig project van mij draaide precies om die reden ook rond het zichtbaar maken van een onderwerp uit de taboesfeer. Met vier bekende mama’s (Cath Luyten, Katja Retsin en Sylvia Van Driessche en Joke Devynck) hebben we een ethische pornofilm gemaakt. Die samenwerking was een ontzettend leerrijke ervaring, en nu is er het idee om een begrafenis en een uitvaart te volgen, van begin tot einde. Misschien zouden we zelfs kunnen werken met iemand die weet dat hij gaat sterven, en heel dat proces in beeld brengen. Ik vind dat een heel krachtig idee.
Dominiek: Dat zou fantastisch zijn. Houd ons op de hoogte!
Mijn wens voor de toekomst van Sereni is om het netwerk verder te versterken. We zijn verspreid over heel België, maar het doel is niet zomaar lukrake groei. Wat we eigenlijk willen creëren zijn ‘hubs’ in een bepaalde regio, onderling verbonden uitvaartondernemingen in elkaars dichte buurt die elkaar ondersteunen. Zo creëer je back-up als er bijvoorbeeld eens iemand op vakantie gaat, of een wachtdienst. Door gecentraliseerde software kunnen onze uitvaartcentra elkaars agenda en planning delen en mogelijk zelfs infrastructuur. Tegelijk is het cruciaal dat elke onderneming haar eigenheid behoudt. Uitvaartzorg is maatwerk, en vaak gaan er generaties van traditie aan vooraf. Sommige ondernemingen spreken ook verschillende soorten publiek aan. Dat is prima, zolang het minimum kwaliteitsniveau dat wij voorop stellen aanwezig is.
De vader van een vriend van mij nadert het einde, en hij vroeg me of ik iemand kon aanbevelen. Ik wil met de hand op het hart kunnen zeggen: ‘Het maakt niet uit welke onderneming in ons netwerk je kiest, je gaat er super goed verzorgd worden.’
