Ga verder naar hoofdcontent

Erkennen van verlies

Kennis

Stap voor stap erkennen van verlies

Het verdriet dat komt kijken bij het verlies van een geliefd persoon is groot. Voor veel mensen is het een zwaar proces dat start bij ontkenning van het verlies. Toch is het, na verloop van tijd, belangrijk om het verdriet een plaats te geven.  

Hoewel men weet dat het verlies heeft plaatsgevonden wordt het hele denken, voelen en handelen van … gericht op de hereniging, alsof er geen verlies geweest is.. Dat kan zich op verschillende manieren uiten zoals het dekken van de tafel zoals vroeger, eten maken voor de overledene … Het is alsof de overledene op elk moment terug kan binnenstappen en zich bij aan tafel kan zetten. Aan de hand van ontkenningsreacties geven we onszelf de tijd om de waarheid langzamerhand te laten doordringen. Waar de ontkenning een normaal gebeuren is, blijft de vlucht voor de realiteit uit den boze. Hoe pijnlijk het ook is, uiteindelijk zal je geconfronteerd worden met de feiten. In deze situatie kan het helpen om mensen op te zoeken waarmee je over de overledene kan praten. 

Hallucinaties en waanbeelden 

Waanbeelden en hallucinaties zijn sterk verbonden met ontkenning. Men sterkt zich met de gedachte dat de overledene terug zal opduiken. Sommigen menen de overledene zelfs te zien op bepaalde plaatsen waar hij vaak kwam. Ook gebeurt het wel eens dat familieleden de overledene horen in bepaalde geluiden  of hem of haar ruiken op plaatsen waar hij of zij gewoonlijk was. Het zien, horen of ruiken van een verloren dierbare komt bij veel rouwenden voor en kan beangstigend zijn. Zij krijgen soms het gevoel dat ze gek worden omdat ze de controle over zichzelf dreigen te verliezen. 

Toch is het heel normaal dat we ons na het heengaan nog nauw met de overledene verbonden voelen. De meeste hallucinatoire ervaringen verdwijnen relatief snel in duur en frequentie. Stap per stap moeten we proberen af te bouwen en de overledene los te laten, maar natuurlijk niet vergeten. 

Zoekgedrag

Op zoek gaan naar de overledene situeert zich in de ontkenningsfeer en leunt soms aan bij hallucinatie of waanbeelden. Niet kunnen geloven en aanvaarden dat men een geliefd persoon heeft verloren, vertaalt zich hier in het letterlijk op zoek gaan naar de overledene. Ook al gaat men niet actief op zoek, het gebeurt regelmatig dat rouwenden de overledene menen te zien in een ander persoon. Aangrijpend is het om op straat iemand te zien met precies dezelfde glimlach of  hetzelfde haar als je dierbare. Soms zijn ze er zelfs van overtuigd de overledene terug gevonden te hebben. Een confrontatie met zo iemand kan daarom soms pijnlijk zijn. 

Het zoekgedrag hoeft niet altijd zo letterlijk te gebeuren, maar komt bijvoorbeeld ook voor bij het in de geest oproepen van de overledene. Dat heeft opnieuw te maken met het zich willen blijven verbinden met de overledene. 

De volgende opdracht bestaat erin om de overledene stap voor stap los te laten, zonder daarom liefdevolle herinneringen te vergeten. In het begin is het soms moeilijk om niet steeds terug te grijpen naar het verleden en hoe het vroeger was. Na verloop van tijd moeten we echter trachten ons langzamerhand open te stellen voor nieuwe dingen, zodat wat vroeger was en nu komtzonder pijn in elkaar overvloeien. 

Het vasthouden

Op verschillende manieren en in verschillende vormen kunnen familieleden en vrienden zich blijven vasthechten aan de overledene. Het vasthouden aan allerlei herinneringen en materiële zaken kan soms vrij intensief zijn. Bij sommige rouwenden wordt de kledij van de overledene bijvoorbeeld zorgvuldig en op de gewone plaats bewaard. De jas blijft in de gang aan de kapstok hangen, het hobbymateriaal blijft onaangeroerd … Het tegenovergestelde kan ook. Dan worden alle herinneringen net zo snel mogelijk verwijderd. 

Dat rouwenden zich via beelden en voorwerpen wil binden aan de overledene hoeft niet te verwonderen, het is als het ware het enige tastbare dat is overgebleven. Het kan dan ook verstandig om na het overlijden geen overhaaste beslissingen te nemen en allerlei zaken van de overledene of herinneringen hieraan te weg te gooien. Ook vluchten uit een omgeving en overhaast verhuizen biedt geen enkele oplossing. Na verloop van tijd is het belangrijk ook weer plaats te maken voor de toekomst zonder dat er afbreuk wordt gedaan aan wat er is geweest. 

Grafbezoek

Een van de bijna tastbare banden met de overledene kan het grafbezoek zijn. Sommige mensen worden hierdoor aangetrokken, terwijl de begraafplaats voor anderen geen enkele betekenis heeft. Naast het begraven is er ook crematie met asverspreiding mogelijk. Dit is een andere, maar evenwaardige manier om afscheid te nemen.

Het bezoek aan de begraafplaats kan pijnlijk zijn en in het begin zelfs irreële gevoelens en vragen oproepen. “Bij een eerste grote regenval dacht ik met panische angst aan het feit dat de lijkkist wel eens vol water zou kunnen lopen” of “Zou de overledene geen kou hebben ?”  Ook vrezen rouwenden soms dat het bezoek het verdriet blijvend zal onderhouden. 

Het is belangrijk om een eigen tempo en ritme te zoeken voor het grafbezoek. Vraag jezelf af of het bezoek bevrijdend werkt of helemaal niet. Laat je niet met schuldgevoelens opzadelen omdat je niet de behoefte voelt om terug te keren naar het graf. Iedereen bepaalt voor zichzelf hoe hij met zijn herinneringen omspringt. Zo kan een foto in huis eenzelfde, warme functie vervullen. 

Toekomstgericht denken

In het begin wordt men als het ware overspoeld door verdriet en lijkt niets anders nog van belang. Het rouwproces verloopt net zoals bij de heling van een diepe wonde. De wonde gaat stilaan dicht, maar onverwachte bewegingen of stoten tegen de wonde laten ze weer opengaan. De heling gaat nochtans zijn gang en uiteindelijk zal er een litteken zijn dat een blijvende getuigenis van het verlies is. 

Een eerste keerpunt binnen het rouwproces situeert zich meestal tussen het eerste en het tweede jaar. Alles heeft men voor het eerst meegemaakt zonder de geliefde: zijn of haar verjaardag, kerstmis, de vakantieperiode, de verjaardag van de sterfdatum en nog zovele andere dagen die in plaats van vreugde, pijn veroorzaken. Binnen de rouwverwerking breekt er een periode aan waarin men opnieuw in staat is om het leven aan te kunnen. Het gevoelsmatig loslaten van de geliefde en het afwerken van de emotionele relatie heeft echter niets te maken met vergeten, integendeel, het heeft net alles te maken met de afbouw van de heftige pijn zodat de rouwende zich kan vasthechten aan de mooie, rijke en dierbare herinneringen. 

Het leven terug aankunnen vergt inspanning en tijd. De rouwende moet als het ware de energie die gericht was op het aankunnen van het verlies, heroriënteren naar de toekomst. Dat betekent dat je je aandacht terug kan schenken aan de alledaagse dingen van het leven, d.w.z. ook de prettige en leuke dingen. Maar dat is niet vanzelfsprekend. 

De terugkeer naar het dagelijkse leven, sociale omgang en de opbouw van hernieuwde interessesferen is een noodzaak, ook al zijn de eerste stappen moeilijk en zal het soms het verdriet vergroten. Een langzame heropbouw van het leven met als blijvend merkpunt ‘een ervoor en een erna’, het zichzelf weer vreugde gunnen is een opdracht, maar op hetzelfde moment ook een verplichting. Het is niet voorspelbaar en het maakt uiteindelijk ook niet uit hoeveel tijd je nodig hebt om een rouwproces door te komen. Het tempo van ieder individu ligt verschillend. Wel is het belangrijk dat je het rouwproces doorleeft. 

De partner

Bij het verlies van een kind kunnen man en vrouw bij de verwerking bij elkaar kracht vinden. “Gedeelde smart is halve smart”, maar gezien de mogelijke verschillende manier van reageren, is dat niet altijd het geval. Partners kunnen elkaar in bepaalde perioden zelfs tot last zijn. De beleving van verdriet is meestal niet erg verschillend voor mannen en vrouwen, maar er zijn wel duidelijke verschillen merkbaar in hoe man en vrouw uiting geven aan deze beleving binnen onze maatschappij. 

Mannen hebben bijvoorbeeld soms de neiging om hun emoties te verdringen. Ze durven of kunnen niet wenen in bijzijn van anderen, vluchten in hun werk of vermijden hun thuis zodat ze er niet over hoeven te praten. Vrouwen durven in het algemeen makkelijker hun emoties uiten en praten graag met anderen over de overledene. 

Mannen en vrouwen ervaren bij verlies wel dezelfde gevoelens van pijn, verdriet en wanhoop. Maar wanneer een van beiden deze gevoelens niet tot uiting brengt, is de kans groot dat beiden binnen hun relatie in een soort isolement komen te staan. Het is belangrijk om binnen een relatie openheid te creëren om gevoelens te uiten. Het kan immers kwetsend overkomen als een van de partners het verdriet wegmoffelt voor de andere, dat kan leiden tot misverstanden en vereenzaming. 

Om elkaar echt te steunen is openheid noodzakelijk. Een voortdurende uitnodiging naar elkaar om je  innerlijke beleving naar voren te brengen vormt de sterkste ondersteuning en leidt tot een gezamenlijke verwerking van het verlies. Het is niet altijd mogelijk noch noodzakelijk dat men alleen hulp zoekt of vindt bij de partner. Ook anderen kunnen steun geven zonder dat dit de relatie schaadt. Het contact met derden kan zelfs verrijkend zijn en je als partners terug dichter bij elkaar brengen. 

Aandachtspunten voor de omgeving

Vaak voelt de omgeving zich machteloos bij iemand die een geliefd iemand heeft verloren. Wat kan je doen bij zoveel verdriet ? 

Breng regelmatig eens een bezoek aan de rouwende of nodig hem uit. Beperk je niet tot een vrijblijvende zinsnede als ‘je moet maar eens bellen wanneer je het nodig vindt’, maar neem zelf het initiatief. Kijk of je niets materieels kan doen voor de betrokkene, bijvoorbeeld gedurende de eerste dagen voor een warme maaltijd zorgen. Bij het bezoek aan de rouwende is luisteren het belangrijkste!

Het kan kwetsend zijn om te zeggen “maar je hebt toch nog andere familieleden, denk eens aan hen” of “je hebt toch je broer of zus nog”. De geliefde die men verloren heeft is onvervangbaar, het gaat alleen om hem. Anderen kunnen wel een troost zijn, maar geen vervanging. Indien je je zelf niet naar de rouwenden kan begeven, is een persoonlijk schrijven, los van holle formuleringen, een mooie troost. Aandacht voor de goede persoonlijke herinneringen aan de overledene zijn aangewezen. 

Laat de rouwende toe om zijn emoties te uiten. Veel te vlug worden emotionele reacties onderdrukt met “kop omhoog, wees kranig”. Een wonde die te vroeg wordt afgedekt kan niet helemaal helen. Geef de rouwende zoveel mogelijk de kans om over de overledene te spreken. Het is door het voortdurend heropnemen van herinneringen dat verwerking mogelijk wordt. 

Hou er steeds rekening mee dat het rouwproces verschillende fasen en componenten telt. We hebben ze hierboven uitvoerig beschreven. Boosheid, woede, verwijten naar de omgeving dienen dan ook binnen het juiste daglicht te worden geplaatst. 

Rouwen is een langdurig proces. Op het ogenblik dat het normale leven weer zijn gang gaat, is dat niet altijd zo voor de rouwende. Ook maanden later, na het overlijden, maakt de rouwende moeilijke momenten door. Hou er rekening mee dat feestdagen en speciale herinneringsdagen voor rouwenden treurdagen kunnen zijn. 

Geraadpleegde literatuur

*          “Omgaan met verlies en rouw” Herkenningspunten en steunpunten voor wie het meemaakt en voor zijn omgeving – Zelfhulpgroep “ouders van een overleden kind” vzw 

*          Bijleveld H. – M. Dekker – H. Schouten, enkele aspecten van rouw Verpleegkundige studies, De Tijdstroom 1980 

*          Davies B. – Manifestations of levels of functioning in grieving families Journal of family issues – 1986 

*          Defrain J. – Stiilborn, the invisible death Lexington Books, Massachusetts 1986 

*          Goethals A. – Perinatale rouw : een gestructureerde benadering Tijdschrift voor geneeskunde 1987 

*          Keirse M. – Pshychosociale aspecten van rouwbeleving en rouwverwerking Tijdschrift voor geneeskunde 1984 

*          Polspoel A. – Beleving en verwerking van verdriet, toegespitst op Stichting “crisisgroep weduwnaars” Den Haag 1981 

*          Sabbe B – Nijs P. – Rouw na doodgeboorte, opvang en begeleiding Tijdschrift voor geneeskunde 1986 

*          Thomas L.V. – Le devil : sens evolution Bulletin de la société de thanatologie 1986 

*          Van Den Berg M – Afscheid serieus nemen – Over verliezenverwerken Serie pastorale handreiking J.V. Voorhoeve Den Haag 1986 

*          Van Uden M. – Religie in de crisis van de rouw Dekker-Van de Vegt Nijmegen 1985 

*          Wilbrink J. – Je verliest iemand die je liefhebt Landelijke zelfhulpgroeporganisatie Rosmalen 1982